zondag 24 mei 2009

Boekenverslikking: Alleen maar nette mensen


Het debuut van Robert Vuijsje ‘Alleen Maar Nette Mensen’ maakt de tongen los. Het krijgt vele goede recensies, wordt geprezen door critici en heeft De Gouden Uil prijs gewonnen. Het verscheen in maart 2008 en is nu al toe aan de elfde druk. Het is een bestseller. De discussie die het boek oproept maakte mij nieuwsgierig. Dus: besteld, ontvangen en gelezen. Het is bot, eerlijk en politiek incorrect. Met veel plezier heb ik het gelezen.

“Ik voelde dat ik het niet lang meer zou volhouden. Het spoot er zo hard uit dat het pijn deed. Het was een intens, urenlang spektakel geweest.” “Je houdt het niet lang vol hè,” zei ze. “Je bent gierig. Niet eens vijf minuten.” (blz. 81)

Wat David heeft en wat hij zoekt

‘Alleen maar nette mensen’, is codetaal in Amsterdam Oud-Zuid. Het betekent: “Ons soort mensen en niet allochtonen waar we niks mee te maken willen hebben. En vooral geen Marokkanen.” Een uitspraak van de moeder van de ‘ik’ persoon: David. Het is codetaal die niet alleen in Oud-Zuid wordt gebruikt maar overal waar ‘alleen maar nette mensen’ zijn.

Zolang hij zich aan de gebruiken en verwachtingspatronen houdt van zijn “Intellectueel joodse milieu. Niet textiel joods of geld joods maar intellectuele joodse milieu”, is zijn bedje gespreid. Van wieg tot graf: zijn toekomst is veilig en, aldus David, is zijn leven saai. Hij zoekt spanning. Hij valt op negerinnen. Na het afmaken van het Amsterdamse Barlaeus Gymnasium gaat David opzoek naar “echte negerinnen in de Bijlmer: dikke konten, grote tieten. Echte sex!” Zijn zoektocht is helemaal uit den boze.

Fictief of autobiografisch


Hij is in Amsterdam geboren en getogen. Heeft een gedeeltelijke joods afkomst en heeft zwart haar. Hij wordt standaard aangezien voor Marokkaan. En als zodanig behandeld. In het Marokkaans aangesproken en geweigerd als Marokkaan. Het boek wordt omschreven als roman en David als een fictief persoon. Het lijkt er verdacht veel op dat het gewoon een autobiografische boek is. Alles lijkt rechtsreeks uit het leven gegrepen. Er komen vele herkenbare momenten voorbij.

“…wanneer een Marokkaan, of een Surinamer, vraagt waar je vandaan komt is het uit interesse, maar als een Hollander het vraagt, wil hij weten of jij één van de mensen bent die weg moeten want vol = vol, dus ben je meer op je gemak bij mensen die ze allochtoon noemen. (blz 47)

Slaat in als een bom

De meeste aandacht in discussies over de schrijver en het boek gaat naar de zoektocht van David en de beeldvorming van de vrouwen. De Afro-Europese vrouw, m.a.w. de negerin, wordt inderdaad bot weggezet als lustobject. Zeer begrijpelijk als mensen zich daar boos overmaken. “Een zwarte negerin is rauwer,” zei ik. “Dierlijker. Het beste is als ze zo zwart is dat je niet kunt zien waar het haar begint.” Het zijn uitspraken die in slaan als een bom. En daarom doet David ze ook aan de eettafel waar de andere gasten toch nooit naar hem luisteren.

Wat de auteur Robert eigenlijk doet is David diagonaal laten afdalen van de sociale ladder. Elke beweging op zo’n lader maakt de meningen tongen al los. Naar beneden en ook nog eens naar een andere maatschappelijke zuil, diagonaal, is helemaal een taboe. En dan ook nog eens naar een zuil die door ‘Alleen maar nette mensen’ wordt gezien als zeer minderwaardig aan de eigen zuil. Op een botte manier legt hij subtiel de verschillen uit in de onderste trede van de zwarte zuil. En subtiel hoe bot racistisch de ‘Hollanders’ denken en handelen in het verhaal. Ja, sex in de Bijlmer is goedkoop, veel en geil. Maar het is wel eerlijk. In het milieu van ‘alleen maar nette mensen’, is het stiekem en geheim. David spreekt steeds van de “zogenaamde vrienden” van de familie..

Een boek dat bijt

David, de ik-persoon, haalt een boek aan waarmee hij wilt aantonen dat joden geen aandeel hadden in het Nederlandse slavernij verleden. Daarmee gaat hij voorbij aan de vele joodse plantages in Suriname. Dat is tegen het zere been van o.a. de Surinaamse gemeenschap.

Het boek is vlot geschreven en leest makkelijk weg. Het is bot en het is eerlijk. Waarin vaak gezegd wordt wat niet gezegd mag worden maar wat wel steeds stiekem gezegd wordt. De gevoerde gesprekken in het boek zijn niet uit de lucht gegrepen. Het is de realiteit dat bijvoorbeeld in een gesprek met ‘Alleen maar nette mensen’ het doodnormaal gevonden wordt als er gezegd wordt dat men 'zwarte' mensen lelijk vindt en alleen 'wit' mooi is. En vervolgens vol onbegrip wordt geoordeeld als iemand hiervan afwijkt. Laat staan oprecht mooi vindt en van houdt. Maar als men onder vier ogen is, wel weer bekent het ‘zwarte’ als lustobject begeert.

Het boek bijt flink en drukt de vinger hard op een zere plek. Het scherpst is het tussen de regels.Het is een echte aanrader. Is het onderwerp van de discussie dat Robert Vuijsje de vinger op de zere plek legt of is het de zere plek? Anders gezegd is het de discussie omdat hij iets zegt wat niet gezegd mag worden? Of omdat het niet gezegd mag worden? Wie zal het zeggen?

Auke

Meer info:
Auteur Robert Vuijsje
Uitgever: Nijgh & Van Ditmar
De Gouden Uil
Boekhandel Schippers

Noot:
De eerste publicatie van deze boekenborrel plaatste ik enthousiast zaterdagochtend. JPK gaf kritiek: “Auke, het is slecht geschreven.” Geïrriteerd las ik het terug. Baalde als een stekker. Hij had gelijk. Ik heb het artikel toen weggehaald. Opnieuw geschreven en ik hoop dat het nu de kritiek kan doorstaan. Voel altijd vrij om kritiek te leveren. Ondanks dat ik ervan baal, leer ik er wel van. En dat is wat ik wil: ervan leren. Bij voorbaat dank.

Geen opmerkingen: