zondag 16 november 2008

Thuiskomen: Mensen verdwenen


“Midden in de vlakte stond een boom. Er liepen al skisporen, maar kennelijk waren die fout. Ik zag die boom op me afkomen… Aan beide kanten van de boom één been en ik zag hoe mijn ski naar beneden gleed.” Elsa Mänd werd op 27-10-1924 geboren in Rakverre, Estland, waar het de helft van het jaar winter is. “Wij zijn met sneeuw geboren, als kind speelde ik eindeloos buiten in de sneeuw.”

Hebben de Duitsers ons bevrijd

Na tweehonderd jaar Russische bezetting was Estland in 1918 eindelijk onafhankelijk. Tot 1939, toen viel het Rode Leger binnen. “Mensen verdwenen, een derde van de bevolking is naar Siberië afgevoerd. Mijn vader werd op tijd gewaarschuuwd.” Broer Ott dook onder. “Dat was de laatste keer dat ik Ott levend zag.” Hij wilde niet voor de Russen vechten. “In juli 1941, hebben de Duitsers ons bevrijd.” Ott reisde met een aantal Duitsers mee terug naar huis. Ergens onderweg stootten zij op Russische troepen. “Ott werd door de Russen doodgeschoten.”

De schoolgaande jeugd moest zich in de zomervakantie nuttig maken voor de Wehrmacht. “In 1944, deed ik eindexamen en in de herfst zou ik mijn cijferlijst krijgen. Ik werd bij de telefooncentrale van het vliegveld in Rakverre geplaats. Ik sprak tenslotte Russisch, Estlands, Frans en Duits. Mijn vriendin Heljo werkte daar ook.”

Ik kon niet meer naar huis

Februari, de Russen braken door bij Narva, 116km van Rakverre. “Toen ontstond er ineens paniek.” Elsa kon met de Duitsers mee naar het westen vluchten. “Mijn vader was in eerste instantie fel tegen, maar later liet hij de keuze aan mij over. Dat zijn ongeveer de zwaarste uren van mijn leven geweest. Als ik ging, wist ik niet wat ik achter zou laten en als ik niet ging, wist ik niet wat me te wachten stond. Ik kon me absoluut niet voorstellen om zonder mijn ouders te moeten leven.” De Duitsers hielden stand. Elsa moest tien dagen invallen op vliegveld Pärnu in het zuiden. De Russen bereikte Rakverre.“Ik kon niet meer naar huis.” Een Duitse officier zei:“Wat wilt u? Het is oorlog. We zijn geen vervoersmaatschappij voor particulieren!” Ze belde met haar vader in Rakverre. Het waren de laatste woorden die ze ooit nog van haar vader hoorden. “Els, zorg dat je wegkomt!”

Alles wat ik lief had, achtergebleven was…

“Ik zat als enige vrouw, 20 jaar oud, tussen tweehonderd Duitse mannen. Bombardementen, branden, overal Russen. Ik werd tussen de officieren in een personenauto gezet. Het asfalt van de weg brandde, ik zag geen hand voor ogen. En wij moesten een brug over…”, over de Pärnu rivier, “…die de Russen trachtten te bombarderen. Plus dat ze met kanongeschut achter ons aanzaten. We haalden de brug, we passeerden hem en bereikten Letland. Maar dat ik elk moment sterven kon, was ik al gewend.”

“Opeens zat ik midden in de ellende en ik besefte niet meer wat er gebeurde. Ik verkeerde in een shocktoestand.” Na twee dagen arriveerden ze in een kamp voor Duitse vluchtelingen. “Daar zag ik Heljo, ik begon te huilen en hield niet meer op. Toen besefte ik wat er gaande was. Dat alles wat ik lief had, achtergebleven was… Vanaf dat moment zijn Heljo en ik bij elkaar gebleven… Alle soldaten in dat kamp behandelden ons met respect. Ze hadden het met ons te doen, omdat we alles verloren hadden.” Weer aan het werk in de telefooncentrale van vliegveld Libau, Litouwen, aan de Oostzee. Weer verder vluchten, drie dagen en nachten aan boord van het Zweedse schip ‘De Komeet’. “Ik was zo verschrikkelijk zeeziek. Op weg naar Danzig lag het Duitse konvooi zwaar onder vuur. Zwemvesten aan en bij alarm moesten we het bed uit. En het stormde. Ons schip is niet geraakt, maar van de vijf begeleidingsboten zijn er drie gezonken.”

Een nieuw leven zou beginnen

Duitsland verloor de oorlog. Haar vlucht voor de Russen eindigde in Goslar, onder Engels Militair bestuur, in West-Duitsland. Daar ontmoette ze Martin. De Nederlander diende als sergant-tolk in het Engelse leger. “Fraulein, ich heiss Martin Deelen.” Na een uur zei hij: “U moest maar met mij trouwen.” Ik zei: “Doen we.” Op 16 maart 1946 trouwde ze in Braulage. “Na acht maanden vertrokken we naar Nederland, het land waar ik een nieuw leven zou beginnen.”

Voor West-Europeanen waren de Russen mede-bevrijders die de Duitsers hadden verslaan. Voor Oost-Europeanen was het een gruwelijke bezetting gevolgd door een gruwelijkere: de Russische. De Koude Oorlog brak aan, een IJzeren Gordijn daalde neer in Europe.“Gedurende de eerste jaren heb ik verschrikkelijke heimwee gehad. En dat werd nog erger doordat ik niet terug kon… Afgesneden van mijn jeugd, familie en mijn land. Ik had vaak het gevoel dat mijn verleden uit een boekje kwam.” Elsa sprak vier talen (Estisch, Frans, Russisch en Duits) maar kon maar in één taal met de Nederlanders communiceren: in het Duits.

Ik kwam terug als grootmoeder

Ze was net in verwachting van haar derde kind toen haar vader overleed in 1958. Ze heeft haar vader nooit meer mogen spreken. In 1970 kon ze voor het eerst terug naar Estland. Ze had haar familie 26,5 jaar niet gezien. “Ik ging weg uit Estland als een meisje en ik kwam terug als grootmoeder. Eerste wat moeder zei was: ‘Waar was je zolang?’ We hielden elkaars handen vast. Na een tijdje zei ze: ‘Je bent het wél, mijn kleine meisje!’” Elsa kreeg een speciale armband die haar moeder sinds haar vlucht altijd had gedragen. “Ze had de hoop dat we elkaar nog eens terug zouden zien.” Na Elsa’s tweede bezoek, 1971, overleed haar moeder in 1972.

“Ik heb het goed in Nederland, altijd gehad.”. Haar familie moest onder Russische bezetting verder leven. “Ik kreeg zo’n schuldgevoel, omdat ik het beter had dan zij. Ik heb altijd het idee gehad dat op een of andere manier moest goed maken.”. Ze baarde drie kinderen: Petra en Thomas Deelen van haar eerste man. En Stella van Zanten* van haar tweede man. Haar kinderen brachten de volgende kleinkinderen: Jelte, Rense en Auke VanderHoek door Petra en Jan-Wolter VanderHoek. Jasper Deelen door Thomas en Mirjam Knol. Op 5-2-1990 werd er een telegram verstuurd naar haar familie in Tallinn, USSR. Bezet Estland: “Elsa died suddenly today.” Op 20 augustus 1991 werd de onafhankelijkheid hersteld. Na haar overlijden kreeg Thomas en Barbara van Beukering nog drie dochters: Ruby, Laura en Milou Deelen. En haar kleinkinderen brachten de volgende achterkleinkinderen voort: Mart en Kris VanderHoek door Jelte en Leonie Groot. Bibi VanderHoek door Rense en Melanie Cleiren. En elf jaar naar haar overlijden werd in Bamenda, Kameroen Jelle VanderHoek geboren, eerste zoon van en Auke en Quinta Lema Dobgima.

AQ/Auke

*Noot:
Stella van Zanten (haar dochter bij haar tweede man Gerth van Zanten) nam het oorspronkelijke interview af om het verhaal van Mama Elsa/Oma Humpie (haar eerste kleinkind noemde haar zo omdat haar kat Humpie heette) in haar eigen woorden vast te kunnen leggen voor het nageslacht.

1 opmerking:

annelien scheele zei

Kippenvel...ik ken Stella, ben erg lang met haar bevriend geweest en heb haar ouders regelmatig ontmoet in Renesse. Ik ken de het verhaal, maar de volle omvang dringt nu pas tot me door.
Ik zou graag weer in contact komen met Stella...wil jij haar vragen of dat mogelijk is?
liefs annelien