donderdag 20 november 2008

PERSBERICHT: Bijlmer Style


Kruitberg, Amsterdam Zuidoost - December 2008 zal de derde verzamel CD van stichting Bijlmer Style uitkomen: Ondergronds Koninkrijk. Wederom een muzikale verzameling van gevestigde en nieuwe namen vanuit de lokale Hip Hop scene in de Bijlmer. De CD geeft een gevariëerd beeld van de huidige stand van zaken.

Na een muzikaal voorproefje in de Café Duivel op 1 oktober en een grotere presentatie in cultureel centrum No Limit op 11 oktober j.l. Ganzenhoef Amsterdam, zal er op zondag 7 december, vanaf 20.00 uur, de officiële CD Release plaatsvinden in de Bitterzoet, Spuistraat 2, Amsterdam. Met optredens van o.a. Kiddo Cee (o.a. album BioLogica op Top Notch en de hit Vieze Meid), M.O. & Brakko (o.a. album Catharsis), Nina (o.a. album De Lastigste op Top Notch), Vaderloze Troepe, MC Fit (van o.a. Flinke Namen) en nog vele anderen. Tevens vindt er op woensdag 10 december een after release party plaats in de Winston Kingdom, Warmoestraat 131 Amsterdam.

De eerste release was geheel zelf gemaakt, zelf gebrand en geprint. Verkocht vanuit de rugzak op straat. De tweede release ‘De Straten Van Zuidoost’ lag al in diverse winkels en viel in 2007 in de nominaties voor ‘Beste Mixtape 2007’, bij de Urban Awards (BNN, Juize.FM en Fun X) en voor de Gouden Greep (Lijn5.com, 3voor12 en State Magazine).

Stichting Bijlmer Style heeft als doel een platform te zijn voor het ontdekken, onwikkelen en promoten van creatief talent in het Amsterdamse Stadsdeel Zuidoost. Beginnende artiesten en (inter)nationaal gevestigde namen leveren ieder hun bijdragen. En werken samen om zo goed mogelijk een creatieve broedplaats te creëeren voor en door mensen uit Zuidoost. Met als doel een gezonde creatieve industrie op te bouwen.

Een grote verzameling aan talenten, met een nog grotere diversiteit in leeftijd en creatieve disciplines hebben hun schouders onder het project gezet. De grote bindendende factoren in het geheel zijn de Bijlmer de Hip Hop cultuur waar ieder deel vanuit maakt en zich mee identificeert. De jongste artiest is Renna, 15 jaar oud, en de oudsten zijn al in de dertig.

Muzikanten, videomakers, fotografen, journalisten, producers, vormgevers en grafitti artiesten, ze weerspiegelen en verwoorden de haat en liefde voor hun stadsdeel. In de bewoording van de Amerikaanse rapper Mos Def: “What ever my home is, my home is mine!” De Bijlmer is waar zij wonen, waar ze leven en waar ze van houden. Hun doen en laten vormt de stijl: Bijlmer Style.

De drijvende kracht achter stichting Bijlmer Style en spil van het geheel is Robert Coblijn. Deze jonge dertiger is geboren en getogen in de Bijlmer Hoogbouw. Zijn liefde voor Hip Hop en zijn buurt leidde tot oprichting van Bijlmer Style in 2002. Zijn energie en persoonlijkheid zorgde voor een samenklontering van gelijkgezinde. Zo divers HipHop is, zo divers is de Bijlmer. Het is de bedoeling dat deze diversiteit nog verder ontwikkeld en naar buiten wordt gebracht.

De vormgeving van de CD was een goed excuus om naast de muzikale ook beeldende disciplines bij elkaar te brengen. De vormgeving staat onder regie van art-director en videoclipmaker Jeffrey Croese (Vinger.nl). De fotografen Jeffrey Flu, Marques Malacia, Ed Regeer, Ilja Meefout (o.a. State Magazine, Nieuwe Revu) AQ/Auke VanderHoek (o.a. State Magazine en HipHopInJeSmoel), verzorgde de fotografie. Hierdoor onstond ook een verzameling aan fotografische stijlen. Graffiti artiesten Mickey, AZHQ en Jake verzorgde de aanvullende illustraties in de vorm van pieces, throw-ups en tags.

De gehele compilatie is uitgemixt en gemasterd door Jaap Wiewel en Chris van Killing Skillz.

Album line up cd: Ondergronds Koninkrijk:

Nina ft. Qf & Burgs - Z.O.
Vaderloze Troepe - Bloed op de track
Double-x & Renna - Ben je leip?!
Fynne - Waar ik vandaan kom
Kiddo Cee ft. Dion, Qf, Steen & Miss V - Vieze meid (gangbang rmx)
Mc Fit ft. Sef - Rapper zijn?!
Woordvoerders - Meelopers
Darkside ft. Serry - De rots
Dret - Hier om te blijven
D-nial & WhiteDogg - Ondergronds koninkrijk
Zed Dibiase - In de Bijlmermeer
LG - Hier in de buurt
M.O. & Brakko - Geen haat hier
Gikkels - Gekkigheid
Moon - Simpele feiten
Ingie & Boss Click - Blader die blaadjes
Ghetto - Lang leve de B!
DarkSide Creationz - M'n stem
Rifo Rifolfer - Rapper recent
Kiddo Cee ft. Shock-E & Phantom - King of tha slumz
Don-GG - Bazen praten met bazen


••• EINDE PERSBERICHT •••

Voor meer informatie, fotomateriaal en mogelijkheden voor interviews e.d. neemt u contact op met
Stg. Bijlmer Style
Robert Coblijn
06-28772315
e-mail: bijlmerstyle1102@gmail.com
internet: www.BijlmerStyle.Blogspot.com

dinsdag 18 november 2008

Gehoord van KB:


Met een zucht sprak zij:

"I never knew I was a secret."

Nam ze een moment van stilte en een slok van haar koffie.




KB

zondag 16 november 2008

Thuiskomen: Mensen verdwenen


“Midden in de vlakte stond een boom. Er liepen al skisporen, maar kennelijk waren die fout. Ik zag die boom op me afkomen… Aan beide kanten van de boom één been en ik zag hoe mijn ski naar beneden gleed.” Elsa Mänd werd op 27-10-1924 geboren in Rakverre, Estland, waar het de helft van het jaar winter is. “Wij zijn met sneeuw geboren, als kind speelde ik eindeloos buiten in de sneeuw.”

Hebben de Duitsers ons bevrijd

Na tweehonderd jaar Russische bezetting was Estland in 1918 eindelijk onafhankelijk. Tot 1939, toen viel het Rode Leger binnen. “Mensen verdwenen, een derde van de bevolking is naar Siberië afgevoerd. Mijn vader werd op tijd gewaarschuuwd.” Broer Ott dook onder. “Dat was de laatste keer dat ik Ott levend zag.” Hij wilde niet voor de Russen vechten. “In juli 1941, hebben de Duitsers ons bevrijd.” Ott reisde met een aantal Duitsers mee terug naar huis. Ergens onderweg stootten zij op Russische troepen. “Ott werd door de Russen doodgeschoten.”

De schoolgaande jeugd moest zich in de zomervakantie nuttig maken voor de Wehrmacht. “In 1944, deed ik eindexamen en in de herfst zou ik mijn cijferlijst krijgen. Ik werd bij de telefooncentrale van het vliegveld in Rakverre geplaats. Ik sprak tenslotte Russisch, Estlands, Frans en Duits. Mijn vriendin Heljo werkte daar ook.”

Ik kon niet meer naar huis

Februari, de Russen braken door bij Narva, 116km van Rakverre. “Toen ontstond er ineens paniek.” Elsa kon met de Duitsers mee naar het westen vluchten. “Mijn vader was in eerste instantie fel tegen, maar later liet hij de keuze aan mij over. Dat zijn ongeveer de zwaarste uren van mijn leven geweest. Als ik ging, wist ik niet wat ik achter zou laten en als ik niet ging, wist ik niet wat me te wachten stond. Ik kon me absoluut niet voorstellen om zonder mijn ouders te moeten leven.” De Duitsers hielden stand. Elsa moest tien dagen invallen op vliegveld Pärnu in het zuiden. De Russen bereikte Rakverre.“Ik kon niet meer naar huis.” Een Duitse officier zei:“Wat wilt u? Het is oorlog. We zijn geen vervoersmaatschappij voor particulieren!” Ze belde met haar vader in Rakverre. Het waren de laatste woorden die ze ooit nog van haar vader hoorden. “Els, zorg dat je wegkomt!”

Alles wat ik lief had, achtergebleven was…

“Ik zat als enige vrouw, 20 jaar oud, tussen tweehonderd Duitse mannen. Bombardementen, branden, overal Russen. Ik werd tussen de officieren in een personenauto gezet. Het asfalt van de weg brandde, ik zag geen hand voor ogen. En wij moesten een brug over…”, over de Pärnu rivier, “…die de Russen trachtten te bombarderen. Plus dat ze met kanongeschut achter ons aanzaten. We haalden de brug, we passeerden hem en bereikten Letland. Maar dat ik elk moment sterven kon, was ik al gewend.”

“Opeens zat ik midden in de ellende en ik besefte niet meer wat er gebeurde. Ik verkeerde in een shocktoestand.” Na twee dagen arriveerden ze in een kamp voor Duitse vluchtelingen. “Daar zag ik Heljo, ik begon te huilen en hield niet meer op. Toen besefte ik wat er gaande was. Dat alles wat ik lief had, achtergebleven was… Vanaf dat moment zijn Heljo en ik bij elkaar gebleven… Alle soldaten in dat kamp behandelden ons met respect. Ze hadden het met ons te doen, omdat we alles verloren hadden.” Weer aan het werk in de telefooncentrale van vliegveld Libau, Litouwen, aan de Oostzee. Weer verder vluchten, drie dagen en nachten aan boord van het Zweedse schip ‘De Komeet’. “Ik was zo verschrikkelijk zeeziek. Op weg naar Danzig lag het Duitse konvooi zwaar onder vuur. Zwemvesten aan en bij alarm moesten we het bed uit. En het stormde. Ons schip is niet geraakt, maar van de vijf begeleidingsboten zijn er drie gezonken.”

Een nieuw leven zou beginnen

Duitsland verloor de oorlog. Haar vlucht voor de Russen eindigde in Goslar, onder Engels Militair bestuur, in West-Duitsland. Daar ontmoette ze Martin. De Nederlander diende als sergant-tolk in het Engelse leger. “Fraulein, ich heiss Martin Deelen.” Na een uur zei hij: “U moest maar met mij trouwen.” Ik zei: “Doen we.” Op 16 maart 1946 trouwde ze in Braulage. “Na acht maanden vertrokken we naar Nederland, het land waar ik een nieuw leven zou beginnen.”

Voor West-Europeanen waren de Russen mede-bevrijders die de Duitsers hadden verslaan. Voor Oost-Europeanen was het een gruwelijke bezetting gevolgd door een gruwelijkere: de Russische. De Koude Oorlog brak aan, een IJzeren Gordijn daalde neer in Europe.“Gedurende de eerste jaren heb ik verschrikkelijke heimwee gehad. En dat werd nog erger doordat ik niet terug kon… Afgesneden van mijn jeugd, familie en mijn land. Ik had vaak het gevoel dat mijn verleden uit een boekje kwam.” Elsa sprak vier talen (Estisch, Frans, Russisch en Duits) maar kon maar in één taal met de Nederlanders communiceren: in het Duits.

Ik kwam terug als grootmoeder

Ze was net in verwachting van haar derde kind toen haar vader overleed in 1958. Ze heeft haar vader nooit meer mogen spreken. In 1970 kon ze voor het eerst terug naar Estland. Ze had haar familie 26,5 jaar niet gezien. “Ik ging weg uit Estland als een meisje en ik kwam terug als grootmoeder. Eerste wat moeder zei was: ‘Waar was je zolang?’ We hielden elkaars handen vast. Na een tijdje zei ze: ‘Je bent het wél, mijn kleine meisje!’” Elsa kreeg een speciale armband die haar moeder sinds haar vlucht altijd had gedragen. “Ze had de hoop dat we elkaar nog eens terug zouden zien.” Na Elsa’s tweede bezoek, 1971, overleed haar moeder in 1972.

“Ik heb het goed in Nederland, altijd gehad.”. Haar familie moest onder Russische bezetting verder leven. “Ik kreeg zo’n schuldgevoel, omdat ik het beter had dan zij. Ik heb altijd het idee gehad dat op een of andere manier moest goed maken.”. Ze baarde drie kinderen: Petra en Thomas Deelen van haar eerste man. En Stella van Zanten* van haar tweede man. Haar kinderen brachten de volgende kleinkinderen: Jelte, Rense en Auke VanderHoek door Petra en Jan-Wolter VanderHoek. Jasper Deelen door Thomas en Mirjam Knol. Op 5-2-1990 werd er een telegram verstuurd naar haar familie in Tallinn, USSR. Bezet Estland: “Elsa died suddenly today.” Op 20 augustus 1991 werd de onafhankelijkheid hersteld. Na haar overlijden kreeg Thomas en Barbara van Beukering nog drie dochters: Ruby, Laura en Milou Deelen. En haar kleinkinderen brachten de volgende achterkleinkinderen voort: Mart en Kris VanderHoek door Jelte en Leonie Groot. Bibi VanderHoek door Rense en Melanie Cleiren. En elf jaar naar haar overlijden werd in Bamenda, Kameroen Jelle VanderHoek geboren, eerste zoon van en Auke en Quinta Lema Dobgima.

AQ/Auke

*Noot:
Stella van Zanten (haar dochter bij haar tweede man Gerth van Zanten) nam het oorspronkelijke interview af om het verhaal van Mama Elsa/Oma Humpie (haar eerste kleinkind noemde haar zo omdat haar kat Humpie heette) in haar eigen woorden vast te kunnen leggen voor het nageslacht.

vrijdag 14 november 2008

donderdag 13 november 2008

woensdag 12 november 2008

Van Roem Naar Armoede, interview


Ramcy Simoons aka Arc-S: “Mijn grootste blunder? Bij een groot concert stonden we op een heel hoog podium. Met de mensen verweg beneden ons. Ik sprong van het podium. Ging de mensen groeten. Op en neer rennend, handen schuddend. Ondertussen bedenken: ‘Fuck! Hoe kom ik in hemelsnaam weer terug op dat podium?!” Het was een stuk hoger dan ik dacht.”

De naald glijdt door de groef van het vinyl. Meerdere klokken, die nog steeds te horen zijn in het centrum van Eindhoven, beginnen te luiden. Een gesproken oproep tot bezinning volgt. Het is het begin van een HipHop klassieker uit 1989: ‘No Enemies’ van 24K, DJAX Records 001. De eerste Nederlandse HipHop langspeelplaat op een Nederlands label.

Weg van alles

Valkenswaard, 1991. Arc-S op zijn top en patsboem: foetsie. Van de hak op de tak, weg was hij. Weg van alles. Gevlogen, gevlucht, terug naar rock bottom, hard. Naar Curacao. Vermist, gemist en vergeten. Een traan gelaten…. Staat hij daar, meer dan vijftien jaar later in Amsterdam. Oude vriend, opkijkend tegen hem, uitkijkend naar hem. Nu terug, maar niet meer bij af, doet hij zijn verslag van zijn speurtocht vanuit een diep dal naar boven. Ik probeer mijn aandacht bij hem te houden ondanks dat mijn eigen problemen om aandacht schreeuwen in mijn hoofd. Heb ikzelf het idee: “Weg van hier!” Huwelijkscrisis, carrièrecrisis, creatievecrisis, levenscrisis. Klem zitten en de drang om te vluchten. Het lef hebben om los te laten en te vallen… en het lef hebben om door te gaan. “If you’re going through hell, keep going!”, aldus Winston Churchill.

Een doel

24K, het waren vier talentvolle jongens: E.N.B., DJ Wan2, Zar-One en Arc-S.
“We hadden echt een missie. Een ideaal. We wilden signaleren wat mis was in de samenleving. Het aankaarten. Aandacht er voor opeisen. Mensen aan het denken zetten. Verwoorden wat de straat niet kwijt kon. Bewustzijn creëeren. Dat verpakten we in nieuwe sounds. Voeg daarbij de dynamiek van militante, vernieuwende en soms way out of there beats en je hebt 24K in een nutshell”, aldus Arc-S. “Het maken van het album was een manier om ons doel te bereiken. Nu is het maken van albums een doel opzich geworden.” Klinkt het verbitterd. “Zodra je een pen oppakt, de MIC aanzet. Dan draag je verantwoordelijkheid. Als je de straat wilt vertegenwoordigen dan draag je verantwoordelijkheid”, spreekt hij passievol.

“We maakten het album in de Tango Studios, Eindhoven, in een week tijd. We werkten de klok rond. Op een gegeven moment zaten Wan2 en ik zo uitgeput op de bank voor de TV. Dat we pas na een half uur doorhadden dat de TV niet eens aanstond!” Ze stonden op elk podium dat er maar was. “Als Europese act moest je dubbel zo hard werken dan de Amerikaanse acts. Zij kwamen hier, zuipen, blowen en neuken. Gaven belabberde shows. En het publiek pikte het allemaal. Doen ze nog steeds!”

Een weg naar roem

Het harde werken resulteerde in een naam die stond en een weg naar roem. Geen gemakkelijke voor een jonge geest. “Op een zondag stond ik voor 20.000 man te spelen. De volgende dag zat ik in de klas.” Een wereld van verschil, moeilijk en moeizaam zijn om met beide benen op de grond te blijven staan. Het drukte zwaar op de schouders. Ieder zijn eigen demonen. Arc-S kon er niet mee omgaan. “Mijn middelbare school lukte nog net met de hak over de sloot. Mijn HBO studie Tolk/Vertaler Japans liep binnen no time stuk.” Voor de jonge artiesten was er totaal geen begeleiding. “Jonge mensen moeten begeleid worden in hun keuzes. Dat ze hun kunst weten om te zetten in een onderneming. Dat ze zich voorbereiden op de carriére na hun muzikale loopbaan.” Nu is tegelijkertijd zijn klacht dat zakelijkheid te veel doorgeslagen is. “Alles draait nu om het marketingsplan. Wat verkoopt? Dat gaan we maken! De essentie van het artiest zijn is zoek.”

"Stepped out of the game on my terms nigga,
Fuck do I need 15, had mine plus 9 nigga”

When Fame Turns Into Famine, Arc-S 2008

In 1991, verdween hij, zijn eigen familie wist eerst niet waar hij was. Officieel vermist. Arc-S: “Van de ene op de andere dag. Weg was ik. Eerst opgevangen door mijn familie. Maar toen moest ik mijn eigen boontjes doppen. Want de familie die mij opving kon die extra financiëele last niet blijven dragen. En dan? …Er heerst daar echte armoede (op Curacao). Een zeer klein gedeelte is machtig rijk. Het gross is echt arm. Wat doe je dan? Ik kon niks. Ik had geen opleiding. Ja, ik kon leuk rappen… Maar welke papieren had ik? Wat kon ik doen met mijn handen? NIKS! …Dus ik werd ober.”

Zo weinig betekenis

“Juist die dingen waarvoor ik zo vocht tijdens mijn muzikale carrière, hebben zo weinig betekenis na mijn artiestenbestaan gehad. Als ik al die dingen niet weet te koppelen aan een opleiding, hoe staat het op mijn C.V.? Wat ik uiteindelijk heb gedaan? Als artiest heb je commerciële talenten want je verkoopt iets. Dat trucje kon ik ook inzetten voor een bedrijf.” Tien jaar later kwam hij terug op het vasteland, “Nu heb ik een commerciële functie. Een nine to five.” En gaat hij met een auto van de zaak op in de massa zoals velen. In zijn vrije tijd bezig met muziek en zijn eerste single: “When Fame Turns Into Famine.”

Hij durfde te vallen

Uit zijn woorden spreekt een verbitterd gevoel. Dat hij te weinig respect krijgt voor zijn aandeel in de Nederlandse HipHop geschiedenis. In de paar standaardwerken over de Nederlandse scene wordt 24K geciteerd door anderen die er toe doen. De band zelf komt niet zodanig aanbod dat eer doet aan 24K. Het hebben over vriendjes politiek en eerlijkheid is en blijft een actueel onderwerp. Het blijft draaien om wie je kent. Zijn plaats verkrijgen in de geschiedenis die hem recht doet, moet hij opeisen door er weer toe te doen in het heden. Maar volgens wie er weer toe doen? Hij durfde te vallen, te leven, door te gaan. No Enemies.

Gepubliceerd op www.HipHopInJeSmoel.com 25 Sep ’07

dinsdag 11 november 2008

Bijlmer Style's Robert Coblijn: "Nu neem ik het woord", interview

Op een bijeenkomst over hoe het gat tussen Amsterdam Centrum en de Bijlmer te overbruggen staat vanuit het publiek een man op. Zwarte hoodie, tatoeages op de bovenhanden: "Nu neem ik het woord even", onderbreekt hij met charisma de monoloog van de regerende klasse. "Waarom zouden we naar de grachtengordel willen komen? Willen jullie naar Zuidoost komen?" Een direct antwoord blijft uit. Maak kennis met Robert Coblijn, meneer Bijlmer Style.

Aan het eind van de maand komt de derde verzamel cd van Bijlmer Style uit: Het Ondergronds Koninkrijk, met o.a. M.O. & Brakko, Nina, MC Fit, Kiddo Cee, Don GG, Darkside en Vaderloze Troepe. De man en zijn missie: De Bijlmer terug te brengen in the game. “Onder andere.”

Mijn eigen shit creëren

De T-shirts, truien en stickers met de tekst Bijlmer Style groeien in populariteit onder de jeugd en volwassenen die zich identificeren met de term. Met zijn Bijlmer Style concept weet Robert Coblijn bij velen de juiste snaar te raken. Wat drijft deze man? Geboren, getogen en nog steeds wonend in de Bijlmer hoogbouw is de jonge dertiger de spil van het geheel. “Sowieso houd ik van goede muziek.” Maar het waren de West Coast en Eazy-E die hem inspireerden. Met Ruthless Records zette Eazy specifiek Compton op de kaart. In een eerder interview: “Ik hou van de trots die ze hadden op hun buurt. Ik voelde die shit. Wist ook dat het iets van daar is en dat kun je niet hierheen kopiëren. Zou je ook niet moeten willen. Maar mijn eigen buurt, mijn eigen shit creëren. Het is toch die broederschap, dat gemeenschappelijke dat je hebt, om ‘dat’ te promoten.” De liefdes voor de Bijlmer en hiphop voegde hij samen en bedacht Bijlmer Style. Zijn energie en persoonlijkheid zorgden voor een samenklontering van gelijkgezinden die die liefde voor de Bijlmer en hiphop delen.

Er is zoveel talent

"De stichting heeft als doel een platform te zijn voor het ontdekken, ontwikkelen en promoten van creatief talent in Amsterdam Zuid-Oost. Hiermee willen we een broedplaats creëren en meehelpen aan de opbouw van een creatieve industrie in de Bijlmer." Muzikanten, videomakers, fotografen, journalisten, producers en vormgevers.. ze weerspiegelen en verwoorden de liefde en de haat die ze hebben. "Bijlmer is de plek waar ze wonen, leven en waar ze van houden. Hun doen en laten vormt de Style. Anders zou ik ook niet weten te omschrijven wat de stijl is. Het is net zoals de wijk. Te divers om even te omschrijven." Die diversiteit in samenstelling moet ook verder naar voren komen in de toekomst. "Ik wil er ook spoken word en dergelijke in gaan betrekken. Er is zoveel talent."

Hoe zeg je dat?

Het stadsdeel kent meer dan 90.000 inwoners en 180 nationaliteiten. Groter dus dan een gemiddelde provincie stad. En toch ontbreekt het aan concerten van normale omvang op hiphop gebied en een tastbare structuur. "Hoe zeg je dat? Het is dat men niet weet hoe de hele game in elkaar zit om de mogelijkheden te benutten. Als iemand de spelregels niet kent, kan diegene ook niet meespelen. Er zijn heel veel artiesten hier, maar de ontwikkeling van de scene zou een stuk sneller gaan als iedereen wist waar de focus moet liggen.” Met het in de kijker spelen van de diverse artiesten vervult Bijlmer Style dus een voorbeeld voor andere artiesten. "Het is een ontwikkeling, het is niet gisteren begonnen. Er zijn artiesten die het wel weten. Kijk naar M.O. & Brakko, die focussen echt op een goede show. Zij hebben het door. En weten dan een goed product neer te zetten. Zij zijn een goed voorbeeld. Of zoals Rotjoch met 101Barz, de grootste hiphop show in Nederland. Omdat hij daar zijn focus ook echt op heeft gelegd."

Het is geen fokking kinderfeestje

Wat ontbreekt er concreet in Zuidoost? "Er mist een plek waar hiphop thuis is, buiten de jongerencentra om. Het is geen fokking kinderfeestje waar we heen gaan! Ik wil ook niet meer in een jongerencentrum gaan hangen. Vroeger leefde hiphop hier echt; zoals in de manifestatiezaal in Ganzenhoef. En de Bonte Kraai bijvoorbeeld. Daar hadden ze hiphopfeesten. Traden Funky Fresh, Colt 45, Darkside en zo op. Ik was toen 13 jaar..." Ondertussen neemt hij nog een trek van zijn joint en graaft hij wat dieper in zijn geheugen. "Daar! Daar is het zaadje voor Bijlmer Style geplant", vertelt Robert. "Zonder al die betutteling die er nu in de jongerencentra heerst. Die feesten zijn verdwenen, er ontstond een gat.. Het was soms wel iets te vrij.. Er waren wapens binnen, laten we het daar op houden."

Onze eigen 'ik' neerzetten

Een gat in de voorziening. "Daar moet dus verandering in komen! Daarom is Bijlmer Style van belang!", vertelt hij vol vuur, waarna hij rustig vervolgt: "Ik ben ermee bezig. Onder meer, het is niet mijn enige focus. Er moet dus een eigen avond komen waar mensen uit de buurt in de buurt heen komen. Elkaar ontmoeten en plezier hebben. Onze eigen mensen, onze eigen 'ik' neerzetten. De Bijlmer ontbreekt helemaal in de scene, daar moeten we tussen staan. Veel prominenter in de game! Dat is dus ook een kwestie van de spelregels kennen. Een probleem van Amsterdammers is dat ze vaak niet door hebben hoe groot hiphop in de rest van het land is."

Ik maak de balans op

De eerste release was geheel zelf gemaakt, gebrand en geprint. "Verkocht vanuit de rugzak op straat." De tweede release, De Straten Van Zuidoost, lag al in diverse winkels en werd genomineerd voor "Beste Mixtape 2007" bij de Urban Awards (BNN, Juize.FM en Fun X) en voor de Gouden Greep (Lijn5.com, 3voor12 en State Magazine). "Er zit een stijgende lijn in de ontwikkeling. Ik zie artiesten beter worden, dat is mijn motivatie om door te gaan. Als het bergafwaarts zou gaan zou ik ermee ophouden." De artiesten voor de cd worden door Robert zelf geselecteerd. "De nummers moeten bangers zijn. Ik maak de balans op met de bedoeling dat het geheel samensmelt. Als daarbij een nummer niet past, wordt het geschrapt."

Wat hier allemaal ondergronds afspeelt!

Voor het komende album Het Ondergronds Koninkrijk heeft een groot aantal mensen de schouders onder het project gezet. Een grote diversiteit aan creatieve disciplines en in leeftijd. "De jongste is Renna, 15 jaar oud. De oudste zit al tegen de veertig aan… laat maar even weg dat de discussie nog gaande is wie daadwerkelijk de oudste is,” aldus de dertiger. “Het Ondergronds Koninkrijk, dat staat voor de hiphop scene in Zuidoost. Er is hier geen mainstream, het is allemaal underground shit. En laten we eerlijk zijn, wat hier allemaal ondergronds afspeelt! Het meest onschuldige zijn nog wel de snorders (illegale taxi's, red.)" En daarbij duidt hij met enige bewondering de Bijlmer: "Het is ook een soort koninkrijk. Het is echt een unieke plek op aarde. Ik ken geen andere plek, vooral in Nederland, die dezelfde sfeer heeft… Er was eens een vrouw die vroeg waarom ik die kakkerlakken afbeeld op mijn t-shirts. Ik zei: "Als je ooit eens in de Bijlmer gewoond hebt dan weet je dat gewoon: Iedereen heeft huisdieren. Tegen wil en dank." En hij schiet even in de lach als hij het weer voor zich ziet.

Pompen de beats en vloeien de woorden

In de Killing Skills studio in het voormalige Volkskrant gebouw (Wibautstraat, Amsterdam Oost) wordt er gewerkt aan het afmixen van de cd. Dret en M.O. leggen nog even wat lyrics vast. Mocht Robert de uitgever zijn en de muzikanten de journalisten die verslag doen wat er gebeurt in Het Ondergronds Koninkrijk, dan hadden ze geen meer illustratieve omgeving kunnen kiezen. Vier decennia lang was de omgeving van het Wibautstation het hart van vrije meningsuiting en persvrijheid in het Koninkrijk Der Nederlanden. Hier werden de dagbladen Trouw, Het Parool, Financieel Dagblad, NRC-Handelsblad en de Volkskrant gemaakt. Het nieuws vanuit de hele wereld en het land werd hier verzameld, geselecteerd en in begrijpelijke bewoording doorgegeven. ‘s Nachts stampten de drukpersen om het volk te informeren zodat zij zelfstandig een beargumenteerde mening kon vormen over de stand van zaken in de wereld. Nu pompen de beats en vloeien de woorden niet op het papier maar op de harddisk, om uiteindelijk via cd en internet het land in te gaan.

Allemaal wat vertraging

De volgende editie: Het Ondergronds Koninkrijk met o.a. M.O. & Brakko, Nina, MC Fit, Kiddo Cee, Don GG, Darkside en Vaderloze Troepe. Op zaterdag 11 oktober was er een CD release party in de No Limit, Ganzenhoef, Zuidoost. Maar er is nog geen CD. “Ja, het heeft allemaal wat vertraging opgelopen. Dan wordt er dit weer geschrapt, dat weer toegevoegd. Beschouw de release parties als een warmhouder voor de cd."


De Bijlmer heeft wat te zeggen


“Waar kijk ik echt naar uit met dit album? De release is een belangrijke stap. We hebben lawaai gemaakt. Er wordt van ons, Bijlmer Style en alle artiesten de we vertegenwoordigen, iets verwacht. Het is de volgende stap in het claimen waar we recht op hebben. De Bijlmer heeft wat te zeggen. Ik ben zeer benieuwd hoe het wordt ontvangen. Om te horen wat mensen ervan vinden. Geld verdienen met de verkoop van cd’s? Dat gaat niet meer, het draait om optredens en merchandise. Die dingen die niet te kopiëren of te downloaden zijn. De cd is nog wel een zeer belangrijk visitekaartje. Geld verdienen in de muziek… het blijft een hossel."

Gepubliceerd op www.StateMagazine.nl Tekst en beeld door AQ/Auke van der Hoek, 5Nov08

Zo Moeilijk: Nijmeegse Modo "We klinken sowieso anders", interview

Op 31 oktober komt het tweede album van Zo Moeilijk, Nijmeegse Modo, uit op Top Notch. State Magazine nestelde zich neer in het rode pluche van het Sofitel, Amsterdam, om het onder het genot van een Duvel en een whisky te hebben over wat die Modo dan wel niet is, wat ze denken toe te voegen aan de Nederlandse scene: 'We brengen verfrissing!', hoe het is om getekend te zijn bij Kees de Koning: 'Dit Top Notch ding hadden we nooit verwacht' en over de grootse Nijmeegse tekstkunstenaar Frank Boeijen: 'Ja, hallo!'

Even een kleine oriëntatie: Nijmegen is door de Romeinen (Noviomagus) zo’n 2000 jaar geleden gesticht als Noordelijke grenspost van het Romeinse Rijk en ligt tussen de grote rivieren de Waal, de Rijn en de Maas op een militair strategische heuvel. Als één van de oudste steden in Nederland is het altijd een marktplaats geweest waar mensen vanuit alle windrichtingen samen kwamen en nog steeds komen. Daaruit is ook duidelijk een Nijmeegs accent ontstaan. Het heeft de harde klanken van boven, en de zachte van onder de rivieren. Dat kan dus even verwarrend zijn voor de buitenstaander. De mannen Nosa, Rosco en Nikes brengen de Surinaamse en Joegoslavische achtergrond mee in hun tongval.

Nijmegen zelf was een prachtige mooie oude stad die een vooraanstaande plaats innam in de Nederlandse geschiedenis. Het oude centrum is helaas van de kaart geveegd door een bombardement (1944) in de Tweede Wereld Oorlog. Met daarbij het genante detail dat het de Amerikanen (onze vrienden) waren die per ongeluk Nijmegen aanzagen voor de Duitse stad Gotha. Nu bombardeert Zo Moeilijk de scene om Nijmegen permanent op de hiphopkaart te zetten op een manier die recht doet aan haar rijke geschiedenis.

Wat gaat Zo Moeilijk ons brengen? Rosco, de rapper met de lange dreads, antwoordt met volle overtuiging: “Verfrissing! Een nieuw geluid. Creatiever, al zeg ik het zelf.” Maar er zijn meer artiesten die zeggen dat ze verfrissing brengen en met een nieuw geluid komen. Nosa, de rapper zonder lange dreads, komt met een gewaagde uitspraak: “Die anderen, die liegen eigenlijk.” Waarop Rosco doorgaat: “Precies. Wij vertellen eindelijk eens de waarheid. Wat we anders doen… We kunnen er niks aan doen, we klinken sowieso anders. We hebben een eigen accent, Nijmeegs.” Nosa: “Volgens mij denken we ook anders”. Ze doelen erop dat ze zich met hun tracks niet houden aan een standaard opbouw. Van zestien bars, pakkend refrein, zestien bars, refrein etc. Nikes mengt zich in het gesprek: “Er zit - qua structuur - gewoon een hele andere opzet achter dan waarmee andere gasten komen. Wij hebben soms niet eens een refrein. Of het bestaat uit één woord ofzo. Met de beats, met de raps, de manier van brengen. Iedereen kopieert elkaar, horen ze iets dopes, gaan ze het ook meteen verwerken in hun teksten.” Nikes maakt zijn beats geheel naar eigen inzichten. Hij laat zich dan ook niet beïnvloeden door welk geluid er heerst en weet vaak niet eens wat hot of net uit is. “Zitten we in de auto, draaien we muziek van twee en een half jaar oud, Vraagt hij: ‘Yo, wie zijn dit?’ ”, grappen Nosa en Rosco over hun beatcreator. “Maar dat is ook zijn kracht, hij gaat helemaal uit van zich zelf.”

Dat ze volmondig ‘Ja!’ antwoorden op de vraag of vernieuwing ontbreekt geeft aan dat ze bestuderen wat er in de scene gebeurt. Bestuderen ze andere rappers? Nosa: “Er zijn goede rappers in Nederland die toch hetzelfde klinken als andere goede rappers. Persoonlijk heb ik geen rappers die ik bestudeer. Ik voel gewoon de muziek.” De labelgenoten Sticks en Rico doen ook mee op het nummer Nachtwakers. “Sticks of Rico ofzo, die kan ik wel heel erg waarderen omdat ze altijd apart komen. Maar het is niet zo dat ik ze bestudeer. Dat zou niet goed zijn anders zou ik me misschien te veel gaan focussen op het soort ding dat zij doen. Ik moet wel in mijn eigen wereld blijven zitten”, aldus Nosa. Eigen Wereld zoals het gelijknamige album uit 2006 van Stick en Rico’s Opgezwolle? “Ja, ha ha…”, Rosco moet even lachen om de onbedoelde kopie van de term. Nosa vervolgt: “Ha, ha, daar waak ik dan ook voor, dat ik niet met dat ding van hun kom.”

Zo Moeilijk door Tim KeenDe vraag vindt hij wel boeiend en geeft hem door aan Rosco. “Hoe zie jij dat?” Bestuderen is dan een te zwaar woord. “Mijn inspiratie haal ik uit een track die ik gewoon dope vind.” Vervolgens passen Nosa en Rosco hun flow en teksten aan op de beat. “Het gaat om hoe wij het voelen.”, aldus Nosa. Ze slaan zichzelf even op de borst met de opmerking dat ze ongepolijst zijn, zwakken het een beetje af: “Klinkt natuurlijk heel mooi of lief of..” Het zit hem meer in het feit dat ze ‘ouder’ zijn. In de zin dat ze de drang om hun bazen en managers etc. te plezieren wel achter zich hebben gelaten. Of leggen we jullie nu woorden in de mond? Nikes: “Nee, ik geloof dat je wel gelijk hebt. We zijn zoals het is. We hoeven ons niet aan regeltjes en structuren te houden. We doen ons ding. We doen waar we zin in hebben. Het hoeft niet perfect of gelikt te klinken. Dan wordt het beetje een R&B verhaal.”

Elke hiphop artiest vertelt in verschillende mate wel met trots over de plek waar hij of zij vandaan komt. Met een titel als ‘Nijmeegse Modo’ vertellen deze mannen in grote mate over hun Nijmegen. Wat maakt Nijmegen in dit geval zo noemenswaardig? Rosco: “Het zit hem in twee dingen; we zijn de enige rap act uit Nijmegen die uitkomt met een album. En daardoor zitten we in een underdog positie, er is vóór ons niks geweest dat uit Nijmegen komt. Daarom proberen we onze stad zo duidelijk mogelijk op de kaart te zetten. Kijk wie we zijn, hoor hoe we praten, kijk hoe we ons zelf presenteren, hoe we ons kleden. Het is verfrissend! Laten we eerlijk zijn, het meeste komt uit Rotterdam of Amsterdam.” Dat uitspraak, onderwerp keuze en context plaatsgebonden zijn is duidelijk. Iemand uit Goes zal niet gaan rappen over Deventerse koek als identiteit. Maar kleding en mode zijn toch zodanig universeel dat men elkaar daarop niet meer kan onderscheiden? “Ja, weet je. Een beetje flauwe vraag… Niet dat we ons heel anders kleden. Maar goed... we dragen geen gouden kettingen bijvoorbeeld. En we hebben typische Nijmeegse woorden.” Een eigen woordenschat, gierig voor jezelf houden of delen met de wereld? Nosa: “Die woorden vertellen we gewoon, omdat het op dat moment in ons hoofd zit. Maar het klinkt ook nog eens dope. De rest mag ze begrijpen als ze willen. Als ze dat niet willen hoeft het ook niet zo nodig.”

Hun eerste album brachten ze in eigen beheer uit. Nu tekenen ze in een tijd waarin het directe nut van een platenmaatschappij steeds meer en publique in twijfel wordt getrokken juist bij Top Notch. Naast collega’s Opgezwolle, Kempi, The Opposites en nog een dozijn andere acts kwamen ze in de stal van Kees de Koning. Hoe voelt het nou om getekend te zijn door Top Notch? Rosco: “Ja, dat is euhm… Al je bloed zweet en tranen, al die jaren van doorzetten, wordt op een gegeven moment beloond. Dat we nu bij Top Notch zitten betekent dat we door moeten gaan met waar we mee bezig zijn. Dat er daadwerkelijk kwaliteit in zit. Het is ook dope dat onze Cd’s dan ook echt in de winkels liggen.” Nikes gaat er voor rechtop zitten: “We zijn heel blij met wat we nu hebben, gaan we zeker op voortborduren. We zijn er geen andere mensen door geworden, zo van ‘we zijn nu het mannetje met de borst verheven en de kin omhoog’, weet je… ‘iedereen voorbij rennen’.”

Dan is het toch altijd even leuk om te achterhalen wie achter wie aan zat. “Kees heeft ons eerste album gehoord en liet ons weten dat als we een tweede album zouden hebben, het hem moesten laten horen. Dat hebben we altijd in ons achterhoofd gehouden tijdens het maken van dit album. Ik heb van horen zeggen dat hij drie dagen alleen…”, vertelt Rosco. Nikes onderbreekt hem: “Een week lang!”, “Een week lang?” Antwoordt Rosco onder de indruk. Hij vervolgt zijn verhaal: “..alleen naar ons album heeft geluisterd. Dat moet ook wel, je moet een album dope vinden anders kan je het niet promoten.” Dat ze bij Top Notch een album zouden uitbrengen hadden ze drie jaar geleden niet kunnen bedenken. Het was nooit de insteek en eigenlijk zijn ze er nog een beetje verbaasd over. Rosco: “Dit! Dit Top Notch ding, dat hadden we drie jaar geleden nooit verwacht. Het was ook niet de insteek om bij Top Notch te komen. We komen uit Nijmegen! De acts uit Rotterdam en Amsterdam komen op Top Notch, toch!?”

Zo Moeilijk door Tim KeenIs het zo moeilijk, wat Top Notch doet? Een lange stilte volgt waarna alle drie een beetje mompelen en ‘ja’ zeggen. Nosa neemt als eerste het woord: “Sommige dingen kunnen we gewoon niet zelf.” Nikes: “Mwoa, kunnen we niet zelf… We kunnen het misschien zelf maar dan ben je nog eens tien jaar bezig de deur in te stampen. Je moet contacten hebben. Om het stuk promotie en het landelijk van de grond te krijgen. Top Notch regelt al dat soort dingen. Hetgeen we zelf konden, deden we al, zoals met de eerste cd. Nu moet het naar het volgende level, vinden we zelf. Vandaar Top Notch, die kunnen ons die extra douw geven. Zij verdienen daar aan, wij verdienen er aan.” Rosco: “Maar wat willen we nog meer bereiken? Ja, alles is meegenomen.” En wordt aangevuld door Nosa en Nikes: “Bij ons is het voornamelijk dat we goede muziek willen maken.”, “Proberen volle zalen te trekken, mensen vermaken. Goede show, goede muziek op een leuke manier.”

Als er een zanger in Nederland is die liederen heeft geschreven die met alle recht als ‘zo moeilijk’ bestempeld mogen worden, dan is dat Frank Boeijen, geridderd in de Orde van Oranje Nassau om zijn verdiensten voor o.a. de Nederlandse popmuziek en literatuur. Destijds ging de jonge Frank met de zelfde soort doelstelling als Zo Moeilijk aan de slag: “De ambitie is vanaf het begin duidelijk: met Nederlandstalige popmuziek het land veroveren. Probleem is dat pop in de moers taal nog niet echt populair is”, aldus zijn biografie. Kun je als muzikant om zo’n belangrijke man die uit hun eigen stad komt heen? Hebben ze ook wat met hem? Ze antwoorden alsof ze gevloek in de kerk horen, in koor: “Met Frank Boeijen ?!?” Vol enthousiasme gaat het verder, Nikes: “Ja, hallo!” Rosco: “Die track Zwart-Wit (1984; over de racistische moord op Kerwin Duinmeijer, red.) vanaf dat moment, ik wist niet eens dat hij uit Nijmegen kwam destijds. Frank Boeijen is gewoon lau! Moeilijk gewoon! Kronenburg Park, pff…” Nosa: “Ik heb het eens in een track verwerkt, even denken… ‘God gooide ons redding: Boeijen’, dat is heel even respect geven.” De beste man heeft duidelijk aangetoond dat een Nijmeegs accent niet het excuus kan zijn om niet te slagen in goede muziek maken. Komen ze hem weleens tegen en zou er een samenwerking in kunnen zitten? Nikes zit nu op het puntje van zijn stoel: “Sterker nog, ik ken de oude toetsenist van de groep Jos Haagmans (toetsen en achtergrondvocalen) heel goed. We hebben bij hem wel eens opgenomen. Hij stelde het eens voor. Misschien, ooit eens.”

Rosco, Nosa en Nikes werken hard om met hun eigen tongval Nijmegen permanent op de kaart te krijgen en daarbij trouw te blijven aan wat hen kleurt. Zoals Rosco het aanvult: “Als ik niet eerlijk ben, moet ik mijn leugens onthouden.” Daarmee doen ze recht aan de rijke geschiedenis van Nijmegen.

Gepubliceerd op www.State.com, door Auke van der Hoek

Bijlmer Style, de straten van Zuidoost, interview


Met de recensie van 'Bijlmer Style: presenteert de straten van Zuidoost', kwam er een zeer interessante discussie los op de redactie van dit magazine over gangsterisme en smaak. Een ieder heeft toch zijn/haar eigen referentiekader en belevenis van hiphop en de wereld waarin hij of zij leeft. Hiphop is van de straat en leeft op de straat.

Zoals er een heel wegennet is en er vele wegen te begaan zijn past niet alles in ieders straatje. Hiphop beleeft men zonder Tom Tom en zorgt nog eens voor een hoop tam tam. Robert van Stichting Bijlmer Style: “Het verwijt van gangstertje spelen is echt bullshit. Daar word je dan op afgerekend. Mensen snappen het niet. Zeg dan gewoon: ik snap het niet.”

Vorige eeuw had ik voor ART12 White Wolf geïnterviewd bij mij thuis in Frissenstein. Te voet bracht ik hen terug naar het metro station. We liepen wijselijk onder de flat door. Zoals Kiddo Cee rapt: “Waar ik woon, groeien luiers in de boom”
komt er meer dan alleen al het goede van boven. En een volle luier is dan nog het meest onschuldige wat naar beneden kan komen. Rustig aan de wandel sprak Samp P verbaasd de woorden: “Dat dit Nederland is…” Destijds schreef ik erover dat we dan wel in hetzelfde land wonen, maar in totaal verschillende werelden. Nu heb ik Robert van de stichting Bijlmer Style, de uitgever van de gelijknamige compilatie CD’s en blog, uitgenodigd voor een nadere kennismaking.

De Bijlmer zelf wordt nu al meer dan een decennium fundamenteel verbouwd en gerenoveerd. In mijn straat, Edumbe, wacht ik op de snorder (illegale taxi) waarmee Robert van Bijlmer Style het juiste adres probeert te vinden. De man woont al van kinds af aan in de Bijlmer, maar had nog geen kennis kunnen maken me de nieuwbouw in dit gedeelte. “Dat dit de Bijlmer is… Vroeger stond hier gewoon Echtenstein. Nu staat er een hele (laagbouw) wijk” spreekt Robert enig sinds verbaasd. Op zijn linker hand staat Bijlmer getatoëerd. Op zijn rechter staat Style. Een ongelukkige discussie met de wet van Newton heeft geresulteerd in een gebroken rechter arm. De tattoo Bijlmer is verdwenen in het gips. Wordt gerenoveerd, zeg maar.

Wat kom je doen?

Robert komt binnen in mijn huis.
“En wie ben jij!?” Zes-jarige Jelle stormt meteen op Robert af.
“Ik ben Robert.”, is het vriendelijke antwoord.
Jelle: “Robot?”
Robert: “Nee, Robert.”
Jelle: “Wat kom je doen?”
AQ: “Hij komt dus vertellen wie hij is.”
Jelle: “Oh… Opa, hij zegt dat hij Robot heet. Hij heeft helemaal geen vierkante kop.”
Marchano, vriendje van mijn zoon: “En hij heeft ook bruine schoenen!”

De situatie is een goede ijsbreker, als er al sprake was van ijs. Bij mij roept het de twijfel op om corrigerend op te treden tegen Jelle. Onder het motto dat het geen stijl is om een gast zo aan te spreken. Aan de andere kant, de felheid waarmee hij op een vreemde afsprong en wil weten wie hij is en wat hij moet in dit huis, is een gewenste verdedigingsstijl. Ik zelf gebruikte het twaalf jaar op de galerijen van Frissenstein en Daalwijk. En thuis in Bamenda, Kameroen, is het van levensbelang.

Stichting Bijlmer Style

De CD van M.O. & Brakko Catharsis, ook uit Zuidoost, begint met een mooie sample: “I think it’s a secret place. I’m a bit concerned seeing much publicity about this place. It really seems like a goldmine. I really get a feel from the people down here. Really would be a shame if that kinda moved away. It got an authenticity that you don’t find on so many Dutch streets.”

AQ: Wat is de Bijlmer stijl?
Robert: Of er een echte stijl is? Dat valt nog niet zo te zeggen. De artiesten maken hun eigen muziek en nemen het, soms, thuis op in hun eigen studio. Misschien dat er over een paar jaar een duidelijk herkenbare stijl te horen. Als je naar de CD luistert, iedereen is anders. Iedereen heeft zijn eigen stijl. Dat is dus die hele fatoe, het is een compilatie CD. Is er een Bijlmer Stijl? Dat is er nog niet.

AQ: Hoe kwam je op het idee om een stichting/platenlabel te beginnen?
Robert: Ik luister veel naar muziek. Kool G Rap, KRS One, Schooly D. Maar ook down south shit. En het meest nog van West-Coast. Vandaar ook die West-Coast letters in het art work. Mijn inspiratie bron was Eazy-E met zijn Compton petten. Ik hou van de trots die ze hadden op hun buurt. Ik voelde die shit. Wist ook dat het iets van daar is en dat kan je niet hierheen kopiëren. Zou je ook niet moeten willen. Maar mijn eigen buurt, mijn eigen shit creëeren. Het is toch die broederschap, dat gemeenschappelijke dat je hebt, om dat gemeenschappelijke te promoten.

AQ: En toen dacht je bij jezelf, een stichting?
Robert: Nou, kijk ik zit zelf in het jongerenwerk en ben manager van een jongerencentrum De Pyramide in Oost. Dat, jongerenwerk, heb ik gestudeerd. En zit dus al lang in die wereld. Bijlmer Style begon eerst met een vriend van me, Joeye Ghetto, die had een CD van hem zelf gegeven. En ik vond dat echt vet. Ik had nog nooit iemand van uit mijn buurt zo dope in het Nederlands horen rappen. Hij had een paar vrienden uit Holendrecht, Rotjoch en Zed. Die heette toen nog Furious. Met Klaas en ook nog met wat andere artiesten o.a. Amon. Met hen heb ik Bijlmer Style 1, Vol.1 gemaakt. Dat album hebben we echt helemaal zelf gedaan. Zelf branden, zelf die shit printen. En zelf verkopen op straat.

AQ: Sloeg het een beetje aan?
Robert: Jazeker. We hadden een beperkte oplage. We hebben iets van 300 stuks verkocht. Tegelijkertijd begon ik met het promoten van Bijlmer Style. Met stickers begon ik overal te plakken. Overal in de metro. Zodoende werd de naam bekend. Mensen voegen zich af wat Bijlmer Style was. We hadden een aantal optredens. Ik hield het beperkt, zeg maar stap voor stap.

Compilaties, mix tapes

AQ: Hoe haal je de mensen bij elkaar? Kwamen ze naar jou toe?
Robert: Het is een groot netwerk. Sommige artiesten nemen zelf initiatieven om zelf iets op te nemen. En als het weer tijd is voor een nieuwe CD kijk ik met welke artiesten ik het deze keer zou willen doen. En dan contact ik ze gewoon. Wat ik zelf doe is een studio afhuren voor twee weken. Dan maken we afspraken, tijdsindeling. Zooitje wiet, zooitje hash. Paar flessen Hennesey, paar flessen water. Dan wordt het gezellig en dan worden er goede nummer opgenomen.

AQ: Hoe wordt het buiten de Bijmer, buiten Amsterdam ontvangen?
Robbert: Heel verschillend. Vanuit de hiphop media werd het wel positief ontvangen. Dan heb ik het over Fun-X, Juize FM en State. We zijn twee keer genomineerd voor beste mixtape van het jaar (2007). Dat was ook wel dope. Maar je krijgt ook reply van mensen die dan de videoclip hebben gezien. Sommige gasten hebben dan een reactie van: “Dope. Ik ben dan van west. Maar de Bijlmer: dope.” En sommige reacties, ik noem een willekeurig voorbeeld van uit Roermond ofzo: “Fok de Bijlmer. Kom maar naar Roermond dan schiet ik een kogel door je kop!” Ik kan daar alleen maar om lachen. Maar ook gewoon belletjes. Vanuit Lelystad van een gozer die de Bijmer Style t-shirts wilde hebben. Toen de Bijmer is gaan vernieuwen zijn veel gasten naar Lelystad gegaan. Dat soort dingen.

De recensie

Over smaak valt niet te twisten, toch doen we het de hele dag. Is het ook een aangename en zinnige bezigheid. Het is vermakelijk en laat men nadenken over de eigen smaak.
Met een kop thee aan het bureau hebben we het over de recensie.
Robert: “In de recensie komt wel duidelijk naar voren dat je consessie hebt moeten doen.”
AQ: “Knap dat je dat hebt opgemerkt (of was het overduidelijk?), ik heb mijn mening ook moeten verdedigen waarom ik het een goed album vind.”

Een pijnlijk misverstand komt ook naar voren en moet met klem meteen worden rechtgezet. De collega die ik noem met zijn racistische uitlating over de Bijlmer (in de recensie van De Straten Van Zuidoost: “Al die kut zwarten mogen ze samen met die kut flats weggooien!” aldus mijn collega, ongegeneerd.) is niet, met klem NIET, iemand van HIJS! Maar iemand van mijn voormalige werk bij de grootste auto-leasemaatschappij in het hoofdkantoor van de grootste uitzendorganisatie van Nederland. Het was bij mij nog niet opgekomen om andere leden van de HIJS redactie collega’s te noemen. Aangezien niemand er een cent mee verdiend met het werk voor HIJS, zie ik elk redactielid als een vriend. Collega’s zijn de mensen waarmee je moet werken. Enfin, pijnlijk misverstand.

Robert: “Ik dacht al. Overal kom je racisme en discriminataie tegen. Zo’n belangrijk instituut als HIJS kan en mag toch niet zulke racistische gedachten hebben. Niet in hiphop! Nou goed dat dat dus duidelijk is. Is dat ook uit de weg.” Ondertussen kom ik even bij van de schrik. Recensies schrijven is een gevaarlijke bezigheid. Robert vraagt of hij een jonko mag opsteken. Is goed. En ik neem een slok, van mijn thee.

Robert: De kritiekpunten, ik voel het wel. Ik snap wel dat bij HIJS het meer boombap is. Je weet toch. Dat is zeg maar de standaard. Maar wat ik dan niet snap is of het is boombap of het is slecht.
AQ: Dat is iets waar ik zelf ook mee heb gezeten. ‘Mijn beeld van hiphop, zo moet hiphop zijn’. En op een gegeven moment is er heel veel dat niet meer volgens dat beeld voldoet. En dan wordt het moeilijk, vooral als je er heel erg bij betrokken bent hoe je daar tegenover staat. Ik ben o.a. om die reden een tijdje gestopt met hiphop bezig te zijn. Omdat ik het allemaal al eens gehoord had. Nu luister ik er met heel veel plezier weer naar. Mezelf de vrijheid geven dat ik maar met een klein stukje van de taart genoegen neem. Mijn, of iemand anders mening hoeft niet meer zo nodig geprofileerd te worden…

Dat vindt ik dan zo’ uitspaak van ja?!?

Robert: Ik snap niet dat jij zegt: ‘Ik vindt het album wel goed, maar ik snap het als je het helemaal kut vindt.’ Dat vindt ik dan zo’n uitspaak van ja?!? Dat kan je van elk album zeggen. Die negatieve intonatie die doet iets met het beeld dat mensen van die CD hebben. Dat vindt ik dan kwalijk. Want het is dan een zin die dan niks zegt over de CD. Je kan het zeggen van elke CD. Het is een beetje een compromis. Het lijkt of je wilt zeggen: “Ik vind hem goed, maar de redactie vindt het kut dus dan geef ik ze dat maar even…”
AQ: …ik geloof dat dat ook letterlijk zo is… ja, euhm… Nou, dat heb je goed geanalyseerd. Dat is ook de pest met recensies. Het moeilijke van recensies is dat iemand anders even heel makkelijk vertelt hoe hij het wel of niet weet te waarderen, terwijl met hart en ziel aan is gewerkt. Daarbij heeft de recensent er belang bij om naam te maken als scherp en zeer kritisch. Om zodoende een reputatie te krijgen als iemand om rekening mee te houden, dat erover de recensent wordt gesproken en niet over het onderwerp. De zeer leuke kinderfilm Ratatouille is een mooi verhelderende verbeelding van dit proces. Vele groten der aarde zijn door recensenten de grond in geboord en werden toch succevol, omdat het publiek ze op handen droeg. Ik zelf hou het liever kort: “Ik heb hier een CD, shit is wack, gek. Maar er moet een stuk tekst komen… Beter check je het zelf gewoon uit.”

Robert: Kijk, dat vindt ik de kracht van een recensie. Ik wil graag weten wat jij ervan vindt. Jij hebt fuckin’ veel kennis. Met al die kennis en ervaring die je hebt opgedaan kijk jij naar het product. En dan wil ik weten wat jij ervan vindt. En dan is er effe geen ruimte voor je collega’s enzo. Jouw mening. Je geeft eigenlijk aan dat je de CD goed vindt.
AQ: Ja, dat is het lastige. Het is letterlijk een compromis geweest. Dit is mijn standpunt, om jou te kunnen laten begrijpen wat mijn standpunt is, laat ik eerst zien dat ik jouw standpunt begrijp. Dat is ook de zin die ik erin had gezet over een drive-by in de Venserpolder. Ik kreeg meerdere reacties over gangstertje spelen. “Wacht even: het is, helaas, niet zomaar neppe gangster shit. Helaas, shit is echt, gek.”
Robert: Precies. Ik vond het goed dat je dat erin had gezet. Dat verwijt van gangstertje spelen is echt bullshit. Daar word je dan op afgerekend. Mensen snappen het niet. Zeg dan gewoon: “Ik snap het niet.”
AQ: Dat is dus laten zien dat je snapt dat jij het niet snapt. Nu neem ik je mee naar waarom ik het wel snap. Ik kijk er zo tegen aan. Het gros verlies je dan sowieso, maar sommigen krijg je mee. “He ja!” …snap je?

We praten nog een beetje door. Met de CD zijn Mickey en ik eens in een gloednieuwe Seat Leon, van mijn werk, gestapt. En ‘s nachts alle plekjes afgereden om te kijken waar de jongens van de straat waren. Foto’s maken. Alleen in de buurt waar Nina’s moeder woont stond een groepje vaag te kijken. Soeki attendeerde mij er later op dat een Seat Leon een standaard ‘stille’ auto is. “Vandaar, dat we niemand zagen.” Met pret-oogjes kijkt Robert me aan: “Dat zal wel een opmerkelijk gezicht zijn geweest. Twee van die blanken Bijlmer Style pompend ’s nachts op straat.”

Gepubliceerd op www.HipHopInJeSmoel.com, 25 Apr ’08 – 09:08 - AQ

Bijlmer Style presenteert: De Straten van Zuidoost, recensie




Negentien nummers vol gerapt met verhalen en emoties zoals die door de auteurs en haar publiek worden beleefd en ervaren. Met een gevoel en taalgebruik zoals die hier in de Bijlmer wordt gesproken en verstaan. De plaat is recht voor zijn raap: wat je ziet, is wat je krijgt. En dat zal precies zo zijn als het beeld dat jij hebt van de Bijlmer. Rest de vraag: waar kijk je naar?!

Noem het Surinaamse vijf minuten, Antilliaanse DHL: het komt niet aan of in mijn eigen geval, ik ben in Eindhoven geboren, een Brabants kwartiertje. Het duurde even voordat de cd Bijlmer Style presenteert De Straten Van Zuidoost, op de juiste soundsystem belandde. Nu zit het eindelijk in mijn iTunes, te Laag Echtenstein. Het zorgt voor een zeer interessante discussie over wat goede smaak is op de redactie van dit magazine. Over smaak valt niet te twisten, toch is het een van onze dagelijkse zinnige bezigheden. Het album is een verzameling van hiphop artiesten die negentien nummers vol rappen met verhalen en emoties zoals door hen wordt beleefd en ervaren. Met een taalgebruik en gevoel zoals die hier in de Bijlmer wordt verstaan. De plaat is: wat je hoort, is wat je krijgt. En dat zal precies zo zijn als het beeld dat jij hebt van de Bijlmer. Rest de vraag: waar kijk je naar?!

Koetjes en kalfjes, snoepjes en smatjes

De sloop van de hoogbouw flat Dennerode is bijna voltooid. En hiermee begint het historisch beeld van de Bijlmer, met zijn betonnen hoogbouw, echt tot het verleden te behoren. Door het gapende gat, vanuit Diemen Zuid gezien, komt geen andere flat meer te voorschijn. Die flat is al geheel weg. Ik wil eigenlijk een traan laten gaan en mijn waardering voor de vergruisde flats uitte als ik onverwachts tot op mijn bot pijn wordt gedaan. “Al die kut zwarte mogen ze samen met die kut flats weggooien!”, aldus mijn collega, ongegeneerd. Weer eens tot tien tellen en verder lullen over koetjes en kalfjes.

Het verschil van het beeld in wat we beide hebben van de Bijlmer is illustratief hoe men het Bijlmer Style album zal zien en horen. De vormgeving is beroerd, er staan wel weer een paar zeer mooie foto’s in. Het gebruik van het lettertype, Old English-achtig, maakt de gedrukte tekst moeilijk leesbaar. “Die Me Kil… Diemer Killer? Die Me Kil… die mij killed? Ooh, ik heb het Die Ille Kil”, spreek ik terwijl ik voor het eerst de vormgeving bestudeer. Daarentegen dropt die kil, een gelijknamig, zeer aangenaam lied.

Ongeveer de helft van de tracks bevatten teksten over muziek die nou niet iets zijn om naar huis te schrijven. En zijn met dodelijke eenvoud inhoudelijk onderuit te halen. De andere helft laat me gewoon helemaal uit mijn dak gaan. Het verzameld werk slingert mijn oren tussen pijn, van ‘auw dat is niet goed’, en het me uit mijn dak laten gaan en meespitten van teksten op dope tracks. Veel gaat over het ‘ruige’ straatleven, snoepjes en smatjes. Makkelijk af te doen als ‘ganster bulshit’ en ’wanna-be’s’ neppers. Tot dat realiteit in je smoel terecht komt. Zit ik lekker met een vriendin op haar bank in Venserpolder als haar 15-jarige zoon beneden op de single met een drive-by vanaf een motor wordt neergeschoten. Die ervaring maakte dat ik wat minder snel oordeelde over wat nep of echt is.

Welkom In De Bijlmer
“De Bijlmer wordt gesloopt
en de Bijlmer wordt verbouwd
Amsterdam gecondoleerd
met het verlies van de hoogbouw
maar dit is niet het eind
zeker een nieuw begin
nieuwe flats, nieuwe huizen
nieuw winkelcentrum
de Amsterdamse Poort
iedereen die kent hem”

Aldus Antijano, met een zangeres die helaas niet nader bij naam wordt genoemd. En weet Serry samen met Darkside een echte dansplaat de liefde besproken in Antijano’s nummer om te zetten in een ritme waarop je echt niet anders kan dan dansen: G-Block Love. Scorpio met Mr. Burgs weet mij helemaal op te pompen met een echte straat lofzang.

Opkikker
“Je vindt het dope hoe ik het breng
mijn click is te groot dus fokking eng
ik stress me niet van wat jij brengt
(want) hier kikker je van op.”

Waarom moeilijk doen als het ook makkelijk kan? Op en top de spijker op de kop. En dan oh, ja. Ja wel. Echt wel. Mijn boy is terug! Een zeer aangename verrassing:

Kruimeldief
“Je was geen gangster,
je was een kruimeldief
niet ruig omdat je buiten sliep
met bier verzuipend je verdriet
je klinkt als een Yankee rapper
vertaald in het Nederlands
je stijl is tweede hands
vals zonder tweede kans”

Kiddo Cee, in het dagelijks leven veel bezig met het inspireren van (probleem-) jongeren: “Ik open de deuren voor anderen en kwam zelf door de ruit”, zoals hij het zelf zegt, “Je boy is terug, je verloren zoon uit de K-Zone (Kraaiennest)”, wordt zijn flow steeds vetter, op een echte boombapper.

Er zullen een hoop zijn die het gehele album zwaar kut vinden. En die kan ik begrijpen. Ik kan me nu verliezen in het bespreken van de technische aspecten, tekstuele inhoud en maatstaven. Maar dit is echt gewoon hiphop recht voor je raap. Check het album: je voelt het of je voelt het niet. Simpel.

De grootste uitdaging die ik geklaard wil zien op het volgende album is dat alle studio geluiden, die nu zijn gebruikt om de sfeer toe te voegen, vervangen zijn door eigen opnamens. Dus geen Amerikaanse politie sirenes, maar gewoon onze eigen Golfjes. En i.p.v. het geluid van druppelend water in een grot, het geluid van een binnenstraat in een flat met een gebroken waterleiding. Voor mij staat het album net zo als El Al het beton voelde: massief. En een plaat als Kruitberg: het staat. En zal het net zoveel discussie teweeg brengen als de Black Box.

Tracklist:
01. Badboy Tava–Bijlmerstyle
02. Vaderloze Troepe–Meer Vuur!!!
03. Wen Regal–King Of The Ring
04. Fynne–Witwas Praktijken
05. (H).B.L.–Dit Is Voor De B
06. Kiddo Cee–Kruimeldief
07. Darkside–Eer Van Mijn Hood
08. M.O.–Handen Omhoog
09. Antijano–Welkom In De Bijlmer
10. Serry–G Block Love
11. Brakko Trixx–Uit Tripple XXX
12. Scorpio–Opkikker
13. Daltons–Daltons
14. Die Ille Kil–Die Ille Kil
15. Ghetto–Mee Naar De Straten
16. Woord Voerders–W.V. Introductie
17. Zed Dibiase–9 Strepen
18. Don-GG–De Game In M’n Zak
19. X-Manne–A-Kant/B-Kant

Redactioneel bericht
De collega waar over gesproken wordt in het bovenstaande artikel: “Al die kut zwarte mogen ze samen met die kut flats weggooien!”, aldus mijn collega, ongegeneerd". Is een collega op het voormalige, negen-tot-vijf, werk van mij. En is met klem niet iemand van de HIJS red. Tijdens het interview met Robert van Bijlmer Style, gepubliceerd 25 Apr ‘08, (klik hier voor de link ) bleek dat leek of het een ’collega’ van HIJS was.

Gepubliceerd op www.HipHopInJeSmoel.com, AQ 25 Apr ’08